Vanaf 2021 adequate pensioenregeling voor payrollers!

Voor veel payrollwerkgevers geldt vanaf 2021 de verplichting om een adequate pensioenregeling aan te bieden. Inmiddels begint de tijd te dringen, omdat vóór 2021 onderzocht moet worden of er een pensioenregeling moet worden aangeboden en, zo ja, dan dient deze tijdig te worden opgezet. De verplichting van een adequaat pensioen kan ook gelden ingeval van intraconcern uitlenen.

Verplichting

De payrollwerkgever moet zorgdragen voor een adequate pensioenregeling indien:

  • de werknemers bij de inlener in een gelijke of gelijkwaardige functie recht hebben op deelname in een pensioenregeling of
  • ingeval er bij de inlener geen werknemers in gelijke of gelijkwaardige functies zijn, maar werknemers in gelijke of gelijkwaardige functies in de sector waarin de inlener werkzaam is wel recht hebben op een pensioenregeling.

Indien geen sprake is van één van deze twee situaties, dan is er géén verplichting  tot het treffen van een adequate pensioenregeling.

Wat is een adequate pensioenregeling?

De nieuwe wet bepaalt dat in de volgende situaties sprake is van een adequate pensioenregeling:

  • indien de payrollwerknemer deelneemt aan dezelfde basispensioenregeling die geldt voor het personeel in gelijke of gelijkwaardige functies bij de inlener of in de sector. Dit is hoe dan ook het geval indien:
    • zowel de payrollwerkgever als de inlener verplicht zijn aangesloten bij een bedrijfstakpensioenfonds
    • de payrollwerkgever vrijwillig aansluit bij de pensioenuitvoerder waar de inlener is aangesloten 
  • indien aansluiting bij de basispensioenregeling van de inlener niet mogelijk of niet gewenst is, dient de payrollwerkgever zelf een adequate pensioenregeling op te zetten. Deze regeling moet aan de volgende waarden voldoen:
    • de regeling moet ten minste voorzien in een ouderdoms- en nabestaandenpensioen
    • er mag geen sprake zijn van een wachttijd of drempelperiode
    • de totale premie die de payrollwerkgever voor alle payrollwerknemers afdraagt is de collectieve werkgeverspremie. Deze is in 2020 vastgesteld op minimaal 14,6% van de som van de pensioengrondslagen van alle payrollwerknemers. Deze normpremie voor de werkgever ziet op de financiering van de integrale pensioenregeling, dus niet alleen op de financiering van ouderdoms- en nabestaandenpensioen. 

Fiscale overschrijding

Indien sprake is van een relatief jong payrollwerknemersbestand is het mogelijk dat afdracht van de premie van 14,6% tot een fiscaal bovenmatig pensioen leidt, omdat de maximale premiestaffels dit niet toestaan. In dat geval kan de payrollwerkgever volstaan met het afdragen van de maximale werkgeverspremie die is toegestaan om binnen de fiscale begrenzingen te blijven voor alle werknemers waar de pensioenregeling voor geldt. Wel is de payrollwerkgever verplicht om een pensioenregeling af te sluiten die leidt tot de hoogste werkgeversbijdrage binnen de fiscale kaders.

Intraconcern detachering is ook payrolling

De verplichting om een adequate pensioenregeling aan te bieden geldt eveneens voor intra-concerndetachering voor zover de werkgever bedrijfsmatig binnen het concern werknemers ter beschikking stelt. Dit is bijvoorbeeld het geval bij personeelsvennootschappen waar met een eigen uitzendbureau personeel ter beschikking wordt gesteld aan de eigen organisatie. Bij incidentele detachering binnen een concern geldt de verplichting van een adequate pensioenregeling niet.

30 juni 2020