Personeelsvergadering en –vertegenwoordiging: waar moet u aan voldoen

Op 17 februari 2017 heeft de SER een advies uitgebracht over de medezeggenschap over pensioen in kleine ondernemingen. Het gaat hierbij om ondernemingen die niet verplicht zijn een ondernemingsraad in te stellen (tot 50 werknemers). Een werkgever zonder ondernemingsraad dient minimaal twee maal per jaar een personeelsvergadering te arrangeren. Op verzoek van de meerderheid van het personeel kan ook een personeelsvertegenwoordiging worden ingesteld. De SER heeft geconstateerd dat op dit gebied onvoldoende kennis bestaat (bij werknemers en werkgevers) waardoor bevoegdheden beperkt worden ingezet.

1. Personeelsvergadering

De personeelsvergadering is verplicht en dient minimaal twee maal per jaar plaats te vinden. Op verzoek van minimaal een kwart van het personeel kan de vergadering frequenter plaatsvinden. Tenminste éénmaal per jaar dient de algemene gang van zaken besproken te worden:

De werkgever verstrekt daartoe algemene gegevens met betrekking tot de werkzaamheden en resultaten van de onderneming in zowel het afgelopen jaar als de verwachtingen voor het komende jaar. De werkgever moet informatie verstrekken over het gevoerde sociale beleid.

Daarnaast heeft het personeel dat aan de personeelsvergadering deelneemt adviesrecht over de volgende onderwerpen: verlies van arbeidsplaatsen, belangrijke veranderingen van de werkzaamheden en arbeidsvoorwaarden, dus ook pensioen. Indien de wijzigingen zijn geregeld in de cao of in een regeling die is vastgesteld door een publiek orgaan dan is het adviesrecht niet van toepassing.

2. Personeelsvertegenwoordiging

De personeelsvertegenwoordiging bestaat uit minimaal drie personen.

De personeelsvertegenwoordiging heeft net als de ondernemingsraad instemmingsrecht ten aanzien van de volgende onderwerpen:

  • Vaststelling, wijziging of intrekking van een arbeids- en rusttijdenregeling;
  • Vaststelling, wijziging of intrekking van een regeling op het gebied van de arbeidsomstandigheden, het ziekteverzuim of het re-integratiebeleid.

3. SER

De SER heeft aanbevolen om het informatierecht van de personeelsvergadering en -vertegenwoordiging ten aanzien van pensioen te versterken door de werkgever te verplichten de personeelsvertegenwoordiging schriftelijk te informeren over voorgenomen wijzigingen. Verder heeft de SER aanbevolen om de personeelsvertegenwoordiging een initiatiefrecht toe te kennen om het onderwerp pensioen te agenderen.

De personeelsvertegenwoordiging heeft geen instemmingsrecht ten aanzien van de arbeidsvoorwaarde pensioen. De SER acht een instemmingsrecht voor de arbeidsvoorwaarde pensioen in kleine ondernemingen niet opportuun.