Binnenkort opent het pensioencasino

Het grote nadeel van een beschikbare premieregeling is het moeten aankopen van een uitkering in euro's. Deze antieke bepaling verdwijnt binnenkort. Het wordt zelfs mogelijk met terugwerkende kracht te kiezen voor uitkeringen in beleggingseenheden.

Werknemers die in de periode tussen 1 januari 2014 en 8 juli 2015 van hun beschikbarepremiekapitaal een pensioenuitkering hebben moeten aankopen, zijn niet in staat geweest een zogenaamde knip toe te passen. Simpelweg omdat de mogelijkheid hiertoe niet bestond tot 8 juli 2015. Bij een pensioenknip wordt het pensioenkapitaal op de pensioendatum gesplitst. Een deel van het kapitaal wordt gebruikt voor het aankopen van tijdelijke uitkeringen. Het resterende deel wordt (na afloop van de tijdelijke uitkeringen) gebruikt voor het aankopen van levenslange uitkeringen tegen de rente op dat moment. De tijdelijke uitkeringen moeten ingaan voor 1 januari 2017 en mogen maximaal twee jaar duren.

Per (vermoedelijk) 1 augustus 2016 treedt de Wet verbeterde premieregelingen in werking. Werknemers hebben na inwerkingtreding van deze wet de mogelijkheid om in plaats van een vaste uitkering in euro’s een (variabele) uitkering in beleggingseenheden aan te kopen of door te beleggen na de pensioendatum waarbij beleggings- en sterfterisico’s collectief worden gedeeld. Dit is – in tegenstelling tot de pensioenknip – een structurele oplossing.

Het kabinet is nu voornemens om werknemers, voor wie in bovengenoemde periode geen knipmogelijkheid was, het recht te geven het contract met de uitvoerder open te breken en een variabele pensioenuitkering overeen te komen . Als een gepensioneerde hier gebruik van maakt dan worden de uitkeringen omgezet in een kapitaal waar onmiddellijk beleggingseenheden van worden aangekocht, al dan niet met collectieve deling van het langlevenrisico. Voor de rest van de duur van het levenslange pensioen worden periodiek eenheden verkocht. Als het beleggingsrendement op de eenheden hoger is dan de rente waarmee de oorspronkelijke uitkeringen waren vastgesteld dan heeft de gepensioneerde een voordeel. In zijn algemeenheid zal daar sprake van zijn, alhoewel niet valt uit te sluiten dat de uitkeringen lager zijn. Als hiervoor gekozen wordt, dan kan ook toekomstige sterfte de hoogte van de uitkering bepalen. Overheid en uitvoerders gaan de komende tijd aan de slag met vormgeving, voorwaarden, voorlichting en communicatie. Dat lijkt geen overbodige luxe.

Twee zaken vallen op. Allereerst is het opmerkelijk dat werknemers reeds ingegane uitkeringen kunnen gaan omzetten in een uitkering in beleggingseenheden, al dan niet met deling van sterfterisico’s. Er is nu immers sprake van harde gegarandeerde uitkeringen. Dat brengt me bij de tweede kwestie. Is hier sprake van een proefballon en wil men gepensioneerden in de toekomst wellicht de mogelijkheid geven om ook middelloonaanspraken om te zetten in een uitkering in beleggingseenheden, eventueel met collectieve risicodeling? 

5 april 2016